Skip to main content

Ik ben een veerkrachtig mens. Ik heb een boel doorleefd en aangekeken. De laatste jaren ook steeds meer met het vertrouwen dat ik alles aankan wat er op mijn pad komt.

Dat vertrouwen is er nog steeds. Tegelijkertijd had ik toen ik een paar maanden geleden mijn voet brak ook het gevoel dat de rek er wel een beetje uit is. Ik ben toe aan opbouwen, aan creëren, aan voluit leven.

Long covid zet een rem op zo’n beetje alles. En natuurlijk is het ergens goed voor. Natuurlijk zijn er lessen te leren, is er groei te behalen, zijn er inzichten op te doen.

Ik merk ook dat ik een beetje moe word van de mensen die dat steeds benadrukken. Diep van binnen vertrouw ik hierop. In mijn kern huist de overtuiging dat dit, dat alles, me uiteindelijk, in welke vorm dan ook, dient.

Dat neemt niet weg dat ik ook gewoon baal. Ik koester de mensen om mij heen bij wie dat er mag zijn. Die dat met me meevoelen. De mensen die het geforceerde optimisme achterwege laten.

Wat ik eigenlijk wil zeggen is dit: het is er allebei, of beter nog, allemaal, en het is belangrijk dat het er allemaal mag zijn. Als iemand stevig baalt, betekent dat niet meteen dat iemand alle hoop verloren heeft en dus opgebeurd moet worden. Erop vertrouwen dat er lessen te leren vallen, betekent dat niet dat je niet ook stevig kunt balen.

Het is een en-en-en-enz. Vertrouwen, frustratie, blijdschap, verdriet, overgave, woede.
En het meest waardevolle dat je als naaste kunt bieden is de ruimte waarin dit er allemaal mag zijn.
Zonder oordeel, zonder oplossing. Met aandacht, met een open hart.

Je eigen ongemak en bezorgdheid even parkeren.
En de ander laten voelen dat diegene, met alles wat er is, welkom is.

Leave a Reply